18-02-08

maandag 18 februari - Insane?

Het leek me allemaal zo duidelijk, een paar dagen geleden, maar ik merk nu dat het niet zo is. Ik voer een innerlijke strijd, heviger dan ooit, en ik geraak er niet uit. De basis is een droom, een wilde droom, en een gesprek, een vreemd gesprek. De droom, hij, hem dus, neemt me vast, begint me passioneel te kussen en verklaart eindelijk zijn liefde, of het moest er toch voor doorgaan. Wakker worden, en helemaal verward zijn, weten dat wat je gevoeld hebt, dat dit niet de eerste keer was. Twijfelen aan mezelf. Wat als het niet over is? Wat als dromen geen bedrog zijn? Wat als ik mezelf enkel de verkeerde spiegel voorhoud? En dan heb ik een gesprek, met iemand die niets van ons weet, maar ons beiden wel kent. Ze staat aan de zijkant toe te kijken naar onze worstelingen, ons moddergevecht, het trekken en duwen, vallen en weer opstaan. Ze zegt me dat hij niet eerlijk is, niet tegen zichzelf en niet tegen mij. Ik heb deze woorden al dikwijls gehoord, wanneer het over hem gaat, maar gezegd zijn door haar geven ze me ineens een andere betekenis. Ze wil niets weten van ons, want het zijn haar zaken niet, maar ze weet het, haarfijn. Geef hem niet op, alles zal veranderen, is haar wijze raad. Of die zo wijs is weet ik niet, dat het me weer helemaal van de wijs heeft gebracht, is wel duidelijk. Hij zal nooit gelukkig worden, want hij leeft niet volgens zijn hart, waarmee ze wat mij betreft zoveel zegt als ‘zijn hart ligt bij jou’. Maar alles ligt bij de interpretator zeker? Bijgevolg zit hij weer helemaal met mijn mind te fucken dat het geen naam meer heeft. Hij is weer alom vertegenwoordigd en ik vraag me af of we ooit nog een kans zullen krijgen. Ik moet eerlijk zijn met mezelf. Het afgelopen jaar zijn er veel mannen gepasseerd, intense passies, verliefdheden, verlangen naar, soms gewoon pure curiositeit, geilheid of zoeken naar aandacht, maar geen één blijft hangen zoals hij het doet. Met geen één worstel ik zo hard, vanbinnen en vanbuiten, want neem het van me aan, ik zie er niet uit op dit ogenblik. Ik bel hem, het voelt raar, door de afstand die ik bewust gecreëerd heb. Hij doet afstandelijk, vraagt zich waarschijnlijk af met welke steek, opmerking of conclusie ik nu weer ga afkomen. Maar ik doe niets, geef hem mijn onverdeelde aandacht, geniet van het muurtje dat zichtbaar, of hoorbaar, afbrokkelt. Hij is weer benieuwd, naar die andere, en ik weet dat het geen welgemeende interesse is, dat hoor ik aan zijn stem, wanneer ik zeg dat ik hem gehoord heb. Het is zijn vluchtweg, weg van mij, zijn ontsnappingsroute pur sang, uit mijn klauwen, maar ik voel dat het hem niet afgaat, gaan lopen. Dat hij instinctief niet wil gaan lopen, en ook niet wil dat ik ga lopen. Het zou zo gemakkelijk zijn, in volle galop, naar iemand anders rennen, hij die wel open en lief is, hij die me niet kwetst, toch niet met woorden, hij die pure zachtheid is, maar hij die ook weet van hem. Het stond in mijn jaarvoorspelling, twee mannen, de éne moeilijk en bijna niet te overmeesteren, vol passie en vuur, de andere pure romantiek, bijna te lief voor woorden. Wie zal je kiezen, of hou je ze allebei? Ik heb niet te kiezen, ik wacht, en ik weet dat binnenkort alles anders zal zijn, omdat wij anders zullen zijn, omdat tijd raad brengt en beslissingen, en omdat het onvermijdelijke niet kan worden vermeden. Het zou goed zijn, even weg van dit alles, me terugtrekken in mijn cocon, geen van beiden zien, maar zoveel geluk lacht me niet toe. Hij is er altijd, wel ergens, en de andere is er ook altijd, zij het dan op een andere manier.

23:12 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.