28-10-07

zondag 28 oktober - The whole package ...

Snakkend naar een uitlaatklep, een einde van een vrij extreme week, die naar mijn gevoel dan ook extreem moest eindigen, in de goede zin dan. Snakken naar mooie, leuke, lieve mannen, het liefst met blauwe ogen. Snakken, verlangen naar, is nooit goed, want ik kom altijd gedesillusioneerd thuis. Het trok op niks, het feestje, waar ik naartoe ben geweest, en tegen beter weten in te lang ben blijven plakken. Het was de wil, om er iets van te maken, dat het hem deed. Het verlangen naar de extase, de pure ontspanning, dat me dreef. Het werd dus geen van dat allen. Moe, dat ben ik nog steeds, zonder echt relax te zijn, het gevoel dat ik op meerdere vlakken op mijn honger ben blijven zitten. Hij, de man van de afgelopen weken, was er. Er was geen chemie meer, geen zin hem aan te raken, hem te beminnen, zoenen en strelen. Het was weg. Er zijn verschillende redenen. Eerst en vooral is hij echt niet het type dat ik ‘zoek’, waar ik naar verlang. Hij is mijn ding niet, en ik weet het en hij ook. Bovendien doet hij een beetje raar tegen mij, er is terug afstand, omdat hij bang is dat ik teveel verwacht, verlang. Hij voelt mijn twijfels, mijn dubbel gevoel, de aantrekking, de afstoting. We praten, open en eerlijk met elkaar, eindelijk, gevoed door de nodige alcohol en de wil, van mijn kant dan toch, om alles eruit te gooien. Hij vindt me aantrekkelijk, maar mist dat extraatje om ervoor te gaan, zegt hij. Hij heeft me gewild, héél even, en heel hard, maar uit angst, omdat het een schier onmogelijke opgave is om samen te zijn, heeft hij het weggedrukt. Goed, knik ik, ik begrijp je, zie je nog steeds even graag, je bent mijn maatje, en toch, toch denk ik dat je niet helemaal eerlijk bent. Er zijn teveel gemengde signalen, en de luide ontkenning op mijn vraag of ik dan voor hem niet aantrekkelijk ben, de instemming wanneer ik zeg dat ik erin geloof dat we fantastische bedpartners zouden zijn, eerst aarzelend, daarna lichtjes geamuseerd en verlegen, doen me toch niet helemaal geloven dat wat hij zegt ook de echte waarheid is. Ach, hij heeft gewoon meer verstand dan ik, denkt meer na over de kwalijke gevolgen die het verlangen, de begeestering, zouden hebben. Ik moet meer nadenken, gezond nadenken, denk ik dan. We zijn niet voor elkaar gemaakt, dat weet ik al veel te lang, het gevoel wordt gevoed door vriendschap, en gezien mijn kwalijke verleden met G., weet ik dat ik dat pad beter niet nog een keer bewandel. Vergeten dus. Maar ik weet, omdat ik hem ken, dat eens ik hem vergeet, hem terug als een aseksueel wezen zie, het weer om zeep gaat zijn. Same old story. Hij gaat weer afkomen, weer gekke uitspraken doen, en me terug willen, al is het maar voor heel even. En nu ik weet, dat hij in mijn wel een aantrekkelijke madame ziet, weet dat hij ook denkt aan samen de lakens delen, wordt het moeilijk om me niet terug te laten vangen. Op het pad, af het pad, telkens opnieuw. Nee, ik laat me niet meer vangen, hoop ik. Ik kijk rond, zoek interessante mannen, laat mijn oog meer dan eens vallen op de deuropening, wanneer ‘hij’, M. ineens binnenkomt. M. is onbekend en onbemind gebied voor me. M.’s fantastische openingszin was ‘schat, ik ben fout, verkeerd, alles wat een vrouw niet wil.’ Je moet het maar durven zeggen, als eerste zin, tegen een lief meisje zoals ik. En ik dacht ‘schat, laat net mijn grootste fout de foute mannen zijn.’. Maar M. is geen regular in mijn leven, komt veel te weinig in het plaatje voor, om te zien dat hij echt zo fout is dan hij zelf beweert, om hem te doen inzien dat ik hou van fouter dan fout. Hij wandelt voorbij, en ik kijk schalks, waarop hij met zijn oogjes trekt en met zijn knalblauwe kijkers net iets te lang en te diep in de mijne kijkt. Warm, veel te warm. Hij is leuk, maar te ver weg. Bovendien heeft hij een foute vrouw bij, ze kan niet tippen aan mij, toch niet op het eerste zicht. Ze lijkt me een beetje klein voor hem, niet speciaal genoeg, maar ik kan me vergissen, en wil me niet vergalopperen in vooroordelen. Ze is even weg, en ik loop langs hem heen, zonder echt naar hem te kijken. Maar omdat ik een vrouw ben, kan ik wandelen, roken en vanuit mijn ooghoeken kijken zonder echt te kijken. Multitasking, noemt men dat. Ik zie hoe zijn hoofd draait, en hoewel de zin heel groot is om even te blijven stilstaan bij deze foute man, om hem even aan te kijken, en misschien wel een lachje te forceren, loop ik gestaag verder, denkend ‘jij bent fout.’. Mezelf overtuigen dat hij niet moordend aantrekkelijk is, qua fysiek helemaal mijn dekseltje is, of was het mijn potje, en dat ik met hem de intimiteit wens die ik wel met de andere heb. En nu, nu vraag ik me af, of mijn verhaal ooit tot een finaal einde gaat komen, of ik het ga tegenkomen, the whole package, de man die mijn alles is, waarbij ik ik kan zijn, en hij hij.

20:13 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

Commentaren

Het is fantastisch om "the whole package" tegen te komen.

Gepost door: Chaoot | 29-10-07

De vraag stellen is ze beantwoorden. De doelstellingen van man en vrouw in een relatie zijn totaal uiteenlopend, maar er zijn raakvlakken, anders waren wij reeds uitgestorven
Zoen
Guy

Gepost door: Guillaume de Montségur | 30-10-07

De commentaren zijn gesloten.