03-06-08

dinsdag 3 juni - Long hot summer?

Het was niet gewoon een scharrel, het was meer dan dat. Maar ik, ik die het al zo moeilijk heb wanneer iemand constant zich voorbij mijn gezichtsveld beweegt, ik heb het nog veel moeilijker wanneer iemand uit mijn gezichtsveld verdwijnt. Ik kan niet trouw blijven, ook al verwacht hij dat niet van me, en moest het zo zijn, dan was ik al veel langer scheef gelopen. Neen, ik word omringd door mannen van allerlei slag, die één ding gemeenschappelijk hebben, ze hebben een bijzonder fysionomie of een speciale psychologie, en meestal beiden. En natuurlijk denk ik met weemoed aan hem terug, aan wat had kunnen zijn of misschien nog komt, maar in een hoekje gaan zitten wachten, mezelf opsluiten, is echt niet mijn stijl. Dus i’m out there, totally, nemen en geven, verlangen en zinderen, koesteren en beminnen. En het is goed zo. Maar ik zou mezelf niet zijn, moest er geen verwarring zijn. Hij, M., kijkt me diep in mijn ogen, omdat het niet mag, niet kan, en ik kan enkel wegkijken en iets mummelen van ‘kappen man’. Hij is bijzonder leuk, en waar ik me nog wou verstoppen achter de immense verschillen die er tussen ons heersen, lijkt het onafwendbare steeds dichterbij te komen. Ik verdrink in zijn blauwe kijkers, bespeur zijn kaaklijn en verlies mezelf in die schattige haartjes die erop staan, en betrapt mezelf er keer op keer op dat ik wel naar hem moet kijken, en dan enkel kan grijnzen. Vreselijk. Ik denk aan wat ik allemaal met hem wil doen, waarschijnlijk zal doen, en hoe ik me aan hem ga verbranden, of me in hem ga verliezen. Ik voel zijn blik branden op mijn benen, wanneer ik voor hem loop, zie hem even slinks kijken naar mij, ga tegen de vlakte wanneer anderen onze conversaties horen en wij enkel de dubbele bodems verstaan. Het is leuk, hij is leuk. En ik zou hem kunnen afvechten, weerstand kunnen bieden tegen wat al van onze eerste blikken in elkaars richting duidelijk was, maar misschien moet ik gewoon genieten van wat wel eens een lange, zwoele zomer zou kunnen worden …

21:42 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-05-08

dinsdag 6 mei - Rust ...

Ik huil niet meer. Niet dat het gemis over is, neen, in tegendeel. Ik mis hem elke minuut van de dag,elke seconde flitst hij door mijn hoofd, bij elke pas die ik doe, bij elke gevoel dat ik voel, telkens denk ik aan hem. Ik mis hem meer dan ik iemand ooit heb gemist, en tegelijkertijd ben ik rustiger dan ooit. Neen, ik heb nog niets gehoord van hem, geen mail, geen telefoon, maar ik weet dat ik voor het einde van deze week hem wel zal horen. Niet omdat hij het gezegd heeft, wel omdat ik het voel. Ik zag zijn verdriet, dat misschien gewoon een weerspiegeling was van het mijne, in zijn ogen. Ik voelde aan zijn sterke armen om me heen, zijn liefdevolle stem, de openheid waarmee hij sprak, dat dit niet gewoon een flirt was. En zelfs al was het dat, dan hem ik er geen moment spijt van. Ik ben blij met hem geweest te zijn, blij om hem in mijn hart te hebben, blij dat ik deze fantastische man, met de meest ongelooflijke glimlach ter wereld, in mijn leven heb gehad. En natuurlijk hoop ik dat het hier niet stopt. Natuurlijk hoop ik dat hij me even hard mist. Natuurlijk wil ik dat hij me zo snel mogelijk mailt, zodat ik kan vragen of hij wil dat ik een aantal uren ga vliegen enkel en alleen om hem een gelukkige verjaardag te wensen. Het is een droom, en tegelijk een nachtmerrie, een luxe, en tegelijk een miserie, om hem in mijn hart te dragen. Het voelde allemaal zo verschrikkelijk juist. Ik was mezelf, weliswaar met een lichte remming, de sprongen in mijn hart onderdrukkend, maar hij heeft me gezien zoals ik was, in al mijn aspecten. Jobwise, persoonlijk, intiem, gelukkig en triest, en dat allemaal op vier luttele dagen. Een ervaring om te koesteren, en teken van die van hierboven that in the end it will all be fine, zoals hij zo mooi zegt. I’m human, dat zei hij ook nog, en zo zie ik hem ook, als een mens met zijn eigen problemen, kantjes, gelukjes en ongelukjes. Hij is voor mij niet één of andere wereldster die van zijn hobby zijn beroep heeft mogen maken en hierbij de ganse wereld afreist. Neen, hij is net zoals ik, van vlees en bloed, wondering why this happens to us. Want we waren us. Samen, wanneer we konden, in discretie, en toch kon heel onze entourage zien wat er gebeurde. Aanvaard door zijn makkers, gedogen door mijn medewerkers, het bloed kruipt waar het niet gaan kan, zullen ze ongetwijfeld weer gedacht hebben. En ik, ik kon het me niet aantrekken dat ik me ter plekke verbrande aan hem, dat ik gespot werd waar ik niet moest zijn, met hem. Enkel de blikken van mijn vrienden, die goedkeurend knikten, die misschien al zagen wat ik niet kon toegeven, dat is liefde. Het is liefde, hoe dit pijnlijke verhaal ook afloopt, liefde tout-court

20:43 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

05-05-08

maandag 5 mei - Take me on a trip ...

All things happen for a reason, fluistert hij me toe. It is going to be allright, i tell you. Hij is de man die ik weer eens niet had mogen ontmoeten, iemand die voorbij komt en waar je al op voorhand van weet dat hij je gaat verlaten. Ik ben helemaal verscheurd vanbinnen, kapot, leeg. Het valt niet te begrijpen dat twee mensen, die elkaar maar enkele dagen kennen, zo’n verbondenheid kunnen voelen. Van minuut één bij hem, van minuut twee bij mij. Misschien zit het wel in mijn hoofd, moet ik toch geloven dat ik een klein beetje gek ben, waarom kan ik me anders zo snel verliezen in iemand? Wat voor mij begon als een onschuldig avondje uit, mondt uit in een drama dat enkel mij kan overkomen. En hem. Drie kernzinnen heb ik in het leven, het blijken ook die van hem te zijn. All things happen for a reason; Why does something like that always happens to me, what did i do wrong or right?; and everything will be allright in the end. Ze zijn vrij algemeen en er zullen ongetwijfeld nog miljoenen mensen zijn die deze heilige woorden al eens uitspreken, maar ze op tijd van tien minuten uit de mond  horen komen van een man die sowieso zijn plek in je hart al heeft veroverd, doet verschrikkelijk veel pijn. De tranen rollen, over mijn wangen, wanneer ik in zijn armen lig, ik kan ze niet tegenhouden. We zeggen geen woord, luisteren enkel naar elkaars ademhaling, af en toe kijk ik op naar zijn stevige kaaklijn, zijn korte haar en zijn gespierde schouders. Er valt niets te zeggen, de tijd tikt weg, het afscheid, wat enkele dagen geleden nog een eeuwigheid ver leek, is zo onafwendbaar. Hij krijgt zijn wake-up call en dit voelt helemaal aan als het einde. Ik wil vluchten, weg van hem, wil niet dat hij me ziet instorten, hij houdt me tegen en gaat rustig aan een tafel zitten en schrijft een briefje, aan mij. Ik wil niet dat hij weggaat. Ik wil hem niet zien vertrekken. En ik wil al zeker niet het hulpeloze gevoel voelen dat straks het mijne gaat worden. Ik weet niet of dit liefde is, weet niet of hij de man van mijn dromen is, daarvoor heb ik weer te veel gevochten, tegen hem en mezelf. Ik weet wel dat hij, die ik in de eerste aanblik zag als een grote, zwarte aantrekkelijke man, iemand is geworden waarvan ik zelfs de kleur niet meer zie. Anderen zien het, en die reacties maken me er bewust van, voor mij is hij enkel de man die mijn leven nog maar eens een andere wending heeft gegeven. Ik lig hier nu, in zijn T-shirt, te denken of zijn woorden echt waren, dat we elkaar snel terug zullen zien, in Amsterdam, NY of Parijs. Hij is een wereldreiziger in de puurste zin van het woord, ik kan enkel neuriën ‘take me on a trip, my American boy’. Ik weet dat deze song, die me gisteren, en zelfs vandaag nog breed deed lachen, me nu telkens aan het huilen zal brengen. Ik ga telkens opnieuw die gebrokenheid voelen die ik voelde tijdens onze laatste blik, hij die de deur achter zich toedeed, ik die in tranen uitbarstte en geen één van ons twee kon iets aan de situatie veranderen. Geen woorden meer, leeg, op, enkel verdriet.

20:26 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

07-04-08

maandag 7 april - It's mine ...

Het is druk geweest, zeer druk. Een tijd van hard werken, nog harder dan ik gewoon ben. Een tijd van weinig bezinning, simpelweg omdat er geen tijd voor was. Geen tijd om stil te staan bij mezelf, de wereld, mijn gevoelens, die van anderen, mijn leven, dat van anderen. Alles en iedereen, incluis mezelf, heb ik verwaarloosd. Tegen de klok in, racen, stressen, de klok zien rond gaan, mezelf zien rondgaan, teloorgaan. Kapot, echt kapot. Een normaal mens rust in zo’n geval. Slaapt, hangt, ligt, luiert. Ik niet. Er is maar één manier om de stress van me af te werken, en dat is feesten, dansen, babbelen. Maar er is zoveel gebeurd afgelopen weekend, zo veel, dat ik niet anders kon dan stilstaan bij mijn leven. Is dit wat ik wil? Ik leef in een wereld die nog niet bijna de realiteit is, decadentie alom, verbastering van de algemene waarden. Het is teveel om hier neer te pennen, te gevoelig ook, te confronterend, voor mezelf en mijn wereld. Meermaals heb ik gedacht, ‘is dit het nu’, leef ik hiervoor? Me kapot werken, en dan in een paar uur willen inhalen wat ik de weken ervoor heb gemist. Mezelf tot het uiterste drijven, te midden van mensen die allemaal hetzelfde doen? Misschien overdrijf ik wel, en is het contrast van de twee werelden waarin ik vertoef te groot. Twee werelden die zo verschillend zijn, maar die zo gelijkend zijn. Enkel draaiend om de drie pijlers: seks, drugs and rock ’n roll. Want dat is de kern. Bij de man in het pak, waar ik noodgedwongen mee geconfronteerd word, en bij de artiest, je-men-foutist, die telkens opnieuw mijn leven doorkruist. Zaterdag was een bont allegaartje van die twee werelden. Toppers uit het bedrijfsleven, die zich tegoed doen aan fine dining and fine wining, en mensen die zich verzetten tegen het heersende maatschappijbeeld, anarchisten die niet willen meelopen, maar zich evengoed verliezen in dezelfde neerwaartse spiraal, de pijler van drie. En daar sta ik dan tussen, mezelf een spiegel voorhoudend, en luidop mijn gedachten te ventileren, tegen de man in het maatpak en de anarchist. Bizar. En ik ben ook een tikkeltje bizar, los van de wereld, maar besef nu meer dan ooit dat ik gelukkig niet los genoeg ben om mezelf te verliezen. Ben ik dan toch eindelijk volwassen aan het worden? Kom ik dan toch terug in contact met mijn innerlijke zelf, of is dit slechts een fase en verlies ik mezelf binnenkort weer in één of ander grootspreker die voorbij loopt. Want die waren er ook weer, de mannen, één voor één, met hun voorstellen, opmerkingen, floerse blikken. En ik zei tegen A.: ‘waar ben je mee bezig?’, tegen E. :’ schat, really, i couldn’t care less’ en tegen D.: ‘ los het maar zelf op, ik ga niet met je mee …’. Een beetje trots toch wel, dat ik in een periode waarin ik wel een boost kon gebruiken, zo sterk ben gebleven. Dat wanneer ik verlang naar een warm lichaam, ik de kracht heb om telkens opnieuw te zeggen ‘vergeet het’. It’s not yours, but mine. Want dat is het uiteindelijk toch wel, een beetje mijn wereld, met zijn aparte waarden, en helemaal mijn lijf, met mijn waarden. Eindelijk.

22:58 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

22-03-08

zaterdag 22 maart - De draad ...

Er zijn periodes van komen en van gaan, en in mijn leven is dat ongeveer de enige rode draad. Mensen die komen en gaan. Hij, hem, heeft me voorgoed verlaten, het is voorbij. Ons partnership, onze inside jokes, onze blikken die kruisen en waarmee we beiden wisten we er niet gezegd diende te worden. Hij was er, dikwijls, voor mij, ik was er, dikwijls, voor hem. Maar het is voorbij. Ik heb me sterk gehouden, in zijn bijzijn, koel, hard, bijna harteloos, maar toen ik naar huis reed en Tim van Hamel hoorde zingen, kwamen de tranen, het schokken, het beseffen dat het nooit meer zal worden zoals het was. Het dringt nog niet helemaal tot me door, dat ik hem minder ga zien, dat we als we elkaar terug zien, gaan moeten zoeken naar elkaar, naar onze positie ten opzichte van elkaar, niet dat dit in het verleden zo duidelijk gedefinieerd was, maar toch. Het zal wennen worden. Ze komen, en ze gaan. Onze voorlaatste blik was er weer één van een ongekende intensiteit, en het is net dat, dat wat me zo pijnigt. Het is voorbij, maar ik vraag me af of het echt voorbij is. Net toen ik bij J. enkele jaren geleden dacht dat het voorbij was, en het nu helemaal niet voorbij lijkt te zijn. Ook toen al, had ik een zwak voor lichtjes omhooggevallen mannen, vol van zichzelf, scherpe humor en scherpe ogen. Ik zie hem nog binnenwandelen, als de dag van gisteren, en in enkele minuten tijd, met wat rake zinnen en intens oogcontact, me inpalmen. Lang heeft het niet geduurd, ons dingetje, maar er is me één ding bijgebleven, als hij me kuste voelde ik het zoals nooit eerder te voor. Was het een kwestie van techniek, feromonen, of gewoon zijn volle lippen, ik weet het niet, maar het ging los door alles heen. Het is gestopt, toen, waarom weet ik niet meer, waarschijnlijk omdat we in een andere wereld leefden. Maar het bloeide dood, kwijnde weg. Maar hij is er dus ook zo ééntje, die me niet loslaat, blijft terugkomen, me blijft bestoken met absurde humor, me telkens opnieuw laat verlangen naar die lippen. We staan oog in oog, en ik ben in een impulsieve kwetsbare bui en kus hem vol. Alsof ik geraakt was door de bliksem krijg ik weer dat tintelend verlangen in heel mijn lijf. Raar. Onverwacht ook. We delen de lakens, maar het is enkel intiem en knus, niet stomend of wild. We houden de rem erop. Hij streelt me, knuffelt me, aait me door mijn haar, houdt me stevig vast. En ik, ik voel me enkel veilig. Ik vraag me af waar dit nu weer naartoe gaat …

16:56 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

03-03-08

maandag 3 maart - Het werkt niet!

Meestal, wanneer ik hier een tijd niet ben, gaat het goed met mij. Wanneer het goed gaat heb ik geen zin, tijd, energie om hier te komen leuteren. Maar soms gaat het ook gewoon slecht, voel ik me leeg, onzinnig, alleen. Ik voel me eenzamer dan ooit, en dat komt niet door mijn omgeving, maar door mezelf. Ik dwaal doelloos rond, rusteloos, zoekend, niet wetend wat ik wil. Mijn emoties slingeren van links naar rechts en ik weet de éne minuut héél goed wat ik wil, om dan een minuut later te beseffen dat het toch niet is wat ik wil. Ik laat me teveel beïnvloeden door mijn omgeving, de mensen rond me heen, kijk te weinig in mijn binnenste, verlies al het gevoel met mezelf. Langs de andere kant ben ik zo reflecterend dat ik misschien wel beter weet dan eender wie op deze fucking planeet, wie ik ben en waar ik naartoe wil. Misschien is het net het weten dat me zo rusteloos maakt, beseffen dat het niet is omdat je iets wil dat het ook komt. Maar ik kan zo geen weken, laat staan maanden, doorgaan, ik ben op, leeg, zo moe dat ik zelfs niet meer rusteloos kan zijn. Er schuilt veel woede in me, en echt waar, de volgende sukkel die tegen mijn schenen stampt krijgt een koek op zijn oog. En neen, het lost niets op, en relativeren is iets wat je altijd moet doen, zelfs als je niet meer kan, letterlijk leeggezogen bent door alles te absorberen wat er om je heen gebeurt, maar het zou opluchten, zo ééns een goede koek geven. U bent bij deze gewaarschuwd. Wat zit er me dan zo dwars? Wel vanalles en niets, want dat is het, het verhaal van de mannen in mijn leven, niets, één grote leegte, die ik soms al te letterlijk laat opvullen, en waarbij ik vergeet dat ze mij opvullen, als het goed is tenminste, en niet mijn hart. Er is E., de vijg, hij die me duizend keer op een week wakker maakt op de meest onmogelijke uren met de meest onmogelijke vraag. Neen, ik ben niet you’re way to heaven, niet als je niet met mij door de hel wil gaan. Ja, ik wil, maar niet op deze manier. Nee, ik kan nu geen tijd voor je vrijmaken, gisteren wel, vandaag niet. Maar dat is de moraal van mijn leven, wanneer ik tijd heb, heeft een ander het niet, wanneer een ander het heeft, heb ik het niet. Maar hij is niet het grootste probleem, hij is er, hij gaat weer weg, misschien blijft hij, misschien ook niet. Het is die andere, hem, die telkens ik hem probeer te vergeten, er weer staat. Niet direct, nee, dat zou te simpel zijn, maar indirect. De wereld is klein, en we hebben veel gemeenschappelijke kennissen, die me met één zin kunnen doen ineenkrimpen, van wanhoop en twijfels. Eén rake opmerking en ik ben weer helemaal van slag. Hij loopt weg, de man van de opmerking, en ik blijf vertwijfeld achter. Heb ik dat nu goed gehoord, heb ik de boodschap goed begrepen? Ik weet het niet. Ik moet meer voor hem doen, en het is niet op een vriendschappelijke manier bedoeld. Hij weet meer, hij weet wat er gebeurd is, en dat is nog het strafste van heel het verhaal, ik die mijn grote mond moet houden, hij die het rondbazuint. Leuk. Ik wil hem erover aanpakken, hem opzadelen met de last waar anderen mij mee opzadelen, hem uitdagen, hem laten zeggen wat hij niet over zijn lippen krijgt, tenzij hij dronken is. Ik snap het verhaal niet. Hij vindt me aantrekkelijk, ik ben zijn vriendin, partner in crime, klaagmuur, degene die hem begrijpt, maar hij wil niet met me vrijen, niet met me samenzijn, omdat het toch niet zou werken. En ik weet evengoed dat het niet zou werken, maar waarom, for crying out loud, waarom blijft hij zo hangen? Waarom wil hij niet dat ik E. zie? Waarom probeert hij me keer op keer jaloers te krijgen en heeft hij dan nog eens het lef te vragen of het werkt. Waarom, waarom, waarom? Knettergek, op de rand van de afgrond, die me letterlijk op de rand van de afgrond heeft gebracht, in bed, bij iemand waar ik helemaal niet naast hoorde te liggen, bij iemand die me niets zegt, bij iemand die me op dat moment troost kon bieden. De warmte voelen van nog maar eens een ander lichaam, mijn geest voelen wegkwijnen. Waarom ben ik zo wild, zo onbezonnen, zo’n flirt, teaser en speler, waarom zien mannen me enkel als fuckable, zien ze niet wat er achter die ogen schuilt, een geest die enkel op zoek is naar rust. Ik moet weg, ver weg, van alles en iedereen, de brousse lijkt me niet ongeschikt. Ik wil weg van de luxe-miserie, me nestelen in mijzelf in plaats van in een ander. Wat één ding is wel zeker, dit werkt niet …

22:33 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

25-02-08

maandag 25 februari - Hormonia ...

Hormonen zijn het niet. Hormonen geven me zo geen ambetant gevoel daar waar vroeger iets klopte. Hormonen jagen me geen angst aan, wanneer ik denk hoe het zou zijn hem nooit meer te zien. Hormonen zouden ervoor zorgen dat wanneer hij me wil zien, ik rechtspring en iets in de trant van ‘You Tarzan, me Jane’ roep. Neen, hormonen zouden me horendol maken, bloedgeil, en weinig selectief. En dat is nu net wat ik niet ben. Ik wil knuffelen, praten, kussen, ja, misschien ook wel vrijen, maar enkel met hem, E., even voor de onregelmatige lezer. Niet met die idioot die voor me kwam zwalpen en iets uit zijn nek lalde of was het lulde, van ‘allé, dansen hé…’ om me dan met van die eicelvragende ogen aan te kijken, erop hopend dat die van mij zaad zouden vragen. Neen, ijspegels, zijn ze, wanneer ik naar anderen kijk. Het kan me allemaal geen barst schelen wie er tegen me praat, wat ze te vertellen hebben, hoe hard ze me wel of niet willen, het laat me zo koud als het koudste ijskonijn. Dus neen, ik heb totaal geen last van Hormonia. Ik wil hem zien omdat hij mij wil zien, proeven, voelen, besnuffelen, en enkel mij, zoals ik enkel hem wil. Ik wil dat hij me dag en nacht lastig valt met allerlei onnozele, lieve, warme berichtjes en niet enkel op de meest onmogelijke uren. Ik wil dat hij me lang wil zien, kort wil zien, maar niet dat hij me wel wil zien, maar niet kan zien. Ik wil niet boos worden, teleurgesteld zijn, omdat ons timemanagement niet altijd evengoed is afgesteld, lastig zijn omdat ik hem kan zien, maar niet kan voelen. Ik wil meer, meer, meer. En ben bang om meer te krijgen en dan alles te verliezen. Door hem, of door iemand anders, door mezelf, of door één of ander banaal ongeluk, of living on the edge, want dat doet hij even hard als ik. En ik, ik ben helemaal van mijn edge afgewankeld, recht in zijn wereld, waar ik braaf langs de kant zit te wachten tot hij tijd voor me kan vinden. Ik wil niet terug naar vroeger, maar voel me nu in niemandsland, met slechts enkele meters te gaan tot het paradijs, op voorwaarde dat hij me daar wil ontvangen, en ik vraag me af, als het zo dichtbij voelt, waarom lijkt het dan nog zo ver? Het zou veiliger zijn terug te stappen, in mijn eigen fucked-up wereldje waar ik alles en iedereen ken, mijn eigen zielloze cocon, zonder hem, maar ik wil mijn vleugels afgooien, en naar hem toe zweven. Waarom ben ik dan weer zo bang en denk ik nu al aan verlies? Waarom ben ik niet eerlijk, en vertel ik niet wat ik voel? Waarom stapt hij niet in mijn wereld, wanneer ik het wil?

22:51 Gepost door A girl in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende